Deel met je vrienden:

De koffie was bruin in Eelde (of is het Paterswolde, die discussie gaat boven mijn pet…), en de sneeuw wit. Gelukkig had ik afspraken kunnen maken over een iets later aanvangstijdstip omdat Carla pas uit Haren kon vertrekken na het jeugdschaken om 19:30. Toen ik rond die tijd met onze onbetaalbare invaller Marton aankwam, zaten Ron en Jan al aan de koffie in de bar van het buurthuis.

Toen we na de koffie nog steeds met z’n vieren waren (maar al wel de halve plaatselijke toneelvereniging hadden ontmoet), roken we onraad en begonnen we te vermoeden dat het schaken in een ander zaaltje zou zijn. Gelukkig is het buurthuis niet al te groot, en vonden we al snel allerlei andere schakers met bijbehorende attributen.

Tevoren had ik met Jan en Frans overlegd over de opstelling aan de topborden; Frans wilde wel met wit op bord 1, en Jan bood aan weerstand te bieden aan Gerard Potjer, ervan uitgaande dat deze met wit op bord 2 zou spelen. Citaat Jan:  Dit was de eerste wedstrijd van het seizoen waar ik naar de theorie had gekeken. Ik mocht immers met zwart tegen Gerard Potjer en die speelde vaak c4. Mijn voorbereiding kon meteen de prullenmand in toen mijn echte tegenstander Leon Steijvers bleek te zijn. Van schrik liet ik me in met wat volgens Fritz een onregelmatige Berlijnse verdediging was in het Spaans. Dat we tijdens de partij al snel van klok moesten wisselen hielp mijn concentratie niet.

En dus kreeg Frans een onverwachte tegenstander op bord 2: Wit was tegen een Grünfeld-Indische verdediging van zwart in de aanval gegaan, maar verslikte zich in een penning wat hem een prachtig Paard op veld e6 kostte. Wit kon -op zoek naar kansen- nog wel enig intiatief houden, maar dat leverde niets op. Zwart had inmiddels veel tijd gebruikt. Misschien door enige vermoeidheid, maar zeker vanwege de krappe resterende tijd voor zwart en het voorafgaande hing er een zekere spanning boven het bord.

Van Carla’s partij op 3 kreeg ik helaas weinig mee (we moeten toch maar eens non-playing reporters gaan meenemen), en Ron op 4 bouwde rustig een solide stelling op. Ikzelf op 5 werd verrast door het passieve spel van mijn tegenstander en kreeg al snel een lekker ruimtevoordeel. Marton naast mij op 6 vocht intussen voor wat hij waard was: Na een keer te zijn ingevallen in Haren 5, mocht ik nog een keer invallen uit tegen Eelde/Paterswolde. Ik zei natuurlijk geen nee, want ik wilde altijd al naar zo’n kleine schaakclub. Die zijn meestal heel gezellig! Het werd ook een spannende avond in Eelde. Op bord 6 moest ik aantreden tegen H. Hartman, die volgens mij prima kon schaken. De partij was de hele avond in evenwicht, tot hij wel een sterke aanval kreeg en ik met al mijn stukken moest verdedigen.

Na de eerste fase konden de stukken op mijn bord al weer in het doosje. Nadat mijn tegenstander al een stuk had weggegeven, deed hij daarna ook nog de dame cadeau. Dat werd hem te veel, en hij streek de vlag. Wel een lekkere start. Maar sneu voor mij en mijn tegenstander, ook al omdat er weinig te analyseren viel. Dus gingen wij nog een aantal vrijblijvende potjes spelen. Maar goed voor Eelde dat deze niet meetelden voor het eindresultaat…

Maar goed, terug naar Jan: Met beide koningen redelijk veilig kwam er veel activiteit op de damesvleugel. Na onder meer een afruil van de torens zag ik winstkansen in het eindspel, dit ook omdat mijn tegenstander een dubbelpion had. Leon bood net na de 40-ste zet remise aan maar ik dacht nog steeds het pionnen eindspel met paard-loper tegen paard-loper te kunnen winnen. Twaalf zetten later was ik daar niet meer van overtuigd en besloot ik zelf remise aan te bieden.

Daarna ook remise bij Carla, en wederom winst van onze topscorer Ron! Met een tussenstand van 3-1 is dan een remise genoeg om de overwinning mee te nemen naar huis. Alle ogen dus op Marton en Frans…

De laatste remise is van Marton: Waarschijnlijk heeft hij een aantal kansen gemist en moest hij agressiever spelen maar hij kwam er uiteindelijk niet door. Uiteindelijk kwam ik in een gewonnen eindspel te staan maar met allebei nog 2 minuten op de klok (20 voor 12) bood ik remise aan. Ik denk dat ik met een remise zeker niet mag klagen en dat ik er gelukkig mee ben afgekomen. Voor mijn tegenstander heeft er meer ingezeten. Complimenten voor Marton; een hard bevochten remise, en als laatste klaar!

Het eindspel van de dag was van Frans. Hier volgt zijn analyse. Bedenk bij alles wat hier staat, dat Frans voldoende had aan remise gezien de 3-1 voorsprong op dat moment, en dat zwart dus moest winnen om zijn team nog kans te geven op een gelijkspel!

Na de 56ste zet van zwart stond de volgende stelling op het bord.

Cnv1

Er volgde: 57.Kc2,Lc3; 58.Lc4,Lb4 [na 58...,Kc5 kan volgen 59.Kd3,Le8; 60.La6,Kd6; 61.Ke2,Ke5; 62.Kd3,La5; 63.Kc4,Le1; 64.Kd3,Lc3 en zwart is niet verder gekomen]; 59.Kd3,Lc5 [ook nu levert 59...,Ke5 geen beslissend voordeel voor zwart); 60.b4? Een regelrechte blunder, pion a4 gaat verloren en daarmee de partij. Wit is te veel bezig met het onschadelijk maken van de zwarte vrijpion d4. Juist was bijvoorbeeld 60.Ke2, waarna kan volgen 60...,Ke5; 61. Ld3 waarna wit het houdt. Een fout na 60…,Ke5 zou zijn 61.Kd2,waarna zwart kan doorbreken met 61…,Lg4x; 62.fxg4,Ke4x. Zwart heeft dan twee nare vrijpionnen, en de witte pion op d5 is zwak. De ongelijke lopers bieden onvoldoende compensatie, en zwart kan verder vechten.

De partij vervolgde met 60...,Lb4x; 61.Kd4x,Lc5+; 62.Kd3,Ke5? Tijdnood? Zwart had nog ongeveer twee minuten voor de rest van de partij. Zwart gaf achteraf te kennen een veilige speelwijze te hebben gekozen, maar dit is een onjuiste beoordeling. Na 62...,La4x kan wit eigenlijk direct opgeven, want Zwart heeft winnend voordeel. Bijvoorbeeld 63.Kd2,Le3+; 64.Ke2,b5 en de rest is techniek. Nu volgt 63.Lb5,Lb5x+. Dit geeft definitief het voordeel weg. Na 63...,Lc8; 64.Kc4,Ld6; 65.Kc3 behoudt zwart voordeel.

Wit sluit nu de stelling af en houdt de zwarte Koning tegen, waardoor zwart niet meer kan winnen. 64.ab5x

Cnv2

[Edit Maarten: let op dat alle witte pionnen op de goede kleur staan… de zwarte loper heeft geen vat op de witte stelling. Wit hoeft alleen maar op de velden d4 en c5 te letten; als de koning maar steeds op het juiste moment op b4, c4 of d3 staat, komt zwart er niet doorheen. Dat zwart het nog even probeert, is logisch. Wit kán het nog verprutsen...]. Zwart speelde de laatste zetten in Bullitschaaktempo: 64...,La3; 65.Kc4,Lb2; 66.Kd3,Kd6; 67.Kc4,Le5; 68.Kb4,Ld4; 69.Kc4,Lf2; 70.Kb4,Le1+; 71.Kc4,Ke5; 72.Kd3,Lb4; 73.Kc4,La3; 74,.Kd3,Kd6. Zwart hield het voor gezien en bood remise aan, dat wit aanvaardde. Zo ontsnapte wit en eindigde de partij in remise.

Al met al een mooie 4-2 overwinning. Aangezien concurrent Schaakkwartier met identieke cijfers won deze ronde, blijven wij op kop staan, met nog steeds een half bordpunt meer dan Schaakkwartier!